CDA evaluatiecommissie
Vandaag ben ik gebeld door Henk Bleker, waarnemend voorzitter CDA, of ik zitting wil nemen in de evaluatiecommissie van het CDA. Ik was blij verrast en heb dit aanbod geaccepteerd. Deze commissie moet uitgebreid onderzoek doen naar de huidige situatie van het CDA. Maar wat ik nog belangrijker vind is hoe wij (het CDA) weer onze kiezers kunnen bereiken. Zie hieronder de opdracht omschrijving van de commissie. Naar aanleiding van mijn zitting in de commissie was ik te gast bij het programma Zomertijd van RTV Oost. De uitzending is terug te zien op http://www.rtvoost.nl/programma/programma.aspx?pid=332&datum=6-7-2010
Een oproep aan iedereen: Heb je een mening over de gang van zaken bij het CDA en weet je wat wij moeten verbeteren. Schroom niet, bel of mail mij jouw ideeën. Deze zal ik dan inbrengen in de commissie. Laat je stem horen!
Opdracht Evaluatiecommissie
De evaluatiecommissie wordt ingesteld door het Partijbestuur en rapporteert rechtstreeks aan het Partijbestuur.
De evaluatiecommissie krijgt als opdracht een brede en diepgaande analyse uit te voeren naar de oorzaken welke hebben geleid tot de uitslag van de verkiezingen voor de Tweede Kamer der Staten-Generaal op 9 juni 2010. Op basis van de analyse wordt de commissie verzocht aanbevelingen op te stellen. Deze aanbevelingen dienen ter bijstelling van beleid en strategie en dienen derhalve, zoveel als mogelijk, praktisch van aard te zijn.
Het Partijbestuur geeft de Commissie een aantal aandachtspunten mee waarbij de richting wordt ingegeven door de betekenis van deze punten voor de verkiezingsuitslag en de betekenis van de christen-democratie .
Aandachtspunten:
1. Zijn de in de jaren ’90 door het CDA ontwikkelde concepten nog houdbaar en werkbaar gezien de maatschappelijke (onder)stromen die gaande zijn? Welke rol speelt de christen-democratie in Nederland en onze (internationale) omgeving?;
2. Welke sociologische trends kunnen worden aangemerkt als zijnde van belang voor de verdere ontwikkeling van beleid en strategie van de partij?;
3. Welke kracht en betekenis kan worden toegekend aan de “C” van het CDA in het huidige (en toekomstige) tijdsgewricht? Eveneens: Welke rol en betekenis kan worden toegekend aan de positie van de verschillende geloofsrichtingen binnen de partij?
4. Is het CDA nog in voldoende mate een volkspartij met verworteling in de gehele samenleving?
5. Een analyse van de electorale bewegingen (o.m. redenen van stemgedrag van “blijvers, wijkers en thuisblijvers”);
6. Hoe kan de cultuur binnen de partij worden gekenschetst? Te denken valt aan de verhoudingen tussen de verschillende gremia en de rollen van de verschillende actoren, de processen van besluitvorming, het systeem van checks en balances, het creëren van draagvlak en de toerusting van de partijorganisatie;
7. Hoe kan de cultuur rondom de beelddragers en bewindspersonen worden geduid;
8. De analyse en beoordeling van het proces van kandidaatstelling en samenstelling van de lijst alsmede het proces van samenstelling van het verkiezingsprogramma. Bijzondere aandacht gaat uit naar de door de partij gewenste rol van de Kamerleden (technocraten, volksvertegenwoordigers e.d.);
9. De totstandkoming, wijze en uitvoering van de campagne(strategie). |